Startersgids · bijgewerkt 9 juli 2026

    Het complete handboek voor de startende zzp’er

    Voor jezelf beginnen is spannend, en er komt van alles op je af: inschrijven, btw, een administratie, belasting en verzekeringen. In acht overzichtelijke hoofdstukken zetten we precies op een rij wat je moet regelen, met de actuele bedragen voor 2026 en links naar de officiële bronnen.

    € 85,15
    KVK-inschrijving
    € 20.000
    KOR-omzetgrens
    1.225 uur
    urencriterium
    8
    hoofdstukken
    Hoofdstuk 1

    Je bedrijf officieel starten

    De eerste stap is je inschrijven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel (KVK). Dat regel je online met DigiD, waarna je een afspraak maakt op een KVK-kantoor om de inschrijving definitief te maken. Je betaalt eenmalig € 85,15 (2026) en krijgt meteen je KVK-nummer. De Belastingdienst stuurt daarna automatisch je btw-id en omzetbelastingnummer.

    Welke rechtsvorm kies je?

    Verreweg de meeste zzp’ers kiezen de eenmanszaak: gratis op te richten, geen notaris nodig, en je profiteert van de ondernemersaftrek (hoofdstuk 4). Nadeel: je bent met je privévermogen aansprakelijk voor schulden. Een bv scheidt privé en zakelijk vermogen, maar kent oprichtingskosten en de plicht om jezelf een gebruikelijk loon uit te keren. Voor de meeste starters is de eenmanszaak het logische startpunt; overstappen naar een bv kan later altijd nog.

    Twijfel je tussen eenmanszaak en bv? Een vuistregel: pas bij een structurele winst boven ongeveer € 80.000 per jaar wordt een bv fiscaal interessant. Laat het bij twijfel doorrekenen door een boekhouder of fiscalist.

    Een ondernemingsplan (optioneel maar slim)

    Verplicht is het niet, maar een kort ondernemingsplan dwingt je na te denken over je doelgroep, je tarief, je verwachte omzet en je kosten. Vraag je financiering aan of ga je vanuit een uitkering starten, dan is een plan vaak wél nodig. De KVK biedt een gratis stappenplan en voorbeeldopzet.

    Hoofdstuk 2

    Btw en de KOR

    Als ondernemer reken je btw (omzetbelasting) over vrijwel alles wat je verkoopt. Het standaardtarief is 21%; voor onder andere voeding, boeken en bepaalde diensten geldt het lage tarief van 9%. De btw die je klanten betalen draag je af aan de Belastingdienst; de btw over je zakelijke inkopen mag je daarvan aftrekken (de voorbelasting).

    De meeste zzp’ers doen per kwartaal btw-aangifte. De aangifte en betaling moeten binnen zijn op de laatste dag van de maand ná het kwartaal, dus over Q1 (jan–mrt) uiterlijk 30 april, enzovoort.

    De kleineondernemersregeling (KOR)

    Blijft je omzet onder € 20.000 per jaar? Dan kun je kiezen voor de KOR. Je brengt dan géén btw in rekening en hoeft geen btw-aangifte te doen: handig als je vooral aan particulieren levert. Keerzijde: je kunt de btw op je inkopen dan ook niet terugvragen. Je meldt je aan via Mijn Belastingdienst Zakelijk; sinds 2025 zit je niet meer vast aan een minimale deelnameperiode.

    Ga je in één jaar over de € 20.000 heen? Dan vervalt de KOR meteen vanaf de verkoop waarmee je de grens passeert, en moet je vanaf dat moment weer btw rekenen en je administratie op de gewone manier bijhouden. Houd je omzet dus in de gaten.

    Investeer je in het begin veel (apparatuur, voorraad, software), dan is de KOR vaak juist onvoordelig: zonder KOR krijg je de btw op die investeringen terug. Reken het voor je situatie door voordat je je aanmeldt.

    Hoofdstuk 3

    Je administratie op orde

    Een goede administratie is geen bijzaak: je hebt de cijfers nodig voor je btw-aangifte, je inkomstenbelasting én om te weten hoe je bedrijf ervoor staat. De Belastingdienst verplicht je om je administratie 7 jaar te bewaren (voor onroerende zaken zelfs tien jaar).

    Wat hoort er minimaal bij?

    • Al je verkoopfacturen én inkoopfacturen en bonnen
    • Je bankafschriften, het liefst van een aparte zakelijke rekening
    • Een overzicht van je gewerkte uren (belangrijk voor het urencriterium)
    • Je kilometeradministratie als je zakelijk rijdt
    • Kopieën van je btw-aangiftes en je jaarcijfers

    Zorg dat je facturen aan de wettelijke eisen voldoen: een uniek factuurnummer, je KVK- en btw-nummer, de datum, en btw apart vermeld. Houd privé en zakelijk strikt gescheiden met een aparte zakelijke rekening: dat scheelt je later veel uitzoekwerk.

    Je hoeft dit niet met de hand te doen. Een boekhoudpakket koppelt je bank, herkent je bonnetjes en dient je btw-aangifte met een paar klikken in. Doe de keuzehulp of vergelijk alle pakketten. Een gratis factuur maken kan ook.
    Hoofdstuk 4

    Inkomstenbelasting en aftrekposten

    Over de winst uit je onderneming betaal je inkomstenbelasting in box 1. Het bijzondere voor ondernemers: je betaalt geen belasting over je hele winst, maar over de winst ná de ondernemersaftrek en de mkb-winstvrijstelling. Dat scheelt fors.

    De belastingschijven in 2026 (box 1)

    Belastbaar inkomenTarief
    tot € 38.88335,75%
    € 38.883€ 78.42637,56%
    boven € 78.42649,50%

    Het urencriterium: 1.225 uur

    De grootste aftrekposten zijn alleen voor je als je aan het urencriterium voldoet: je besteedt minimaal 1.225 uur per jaar aan je onderneming. Let op: dat zijn niet alleen je declarabele uren, maar álle uren, dus ook acquisitie, administratie, scholing en reistijd. Houd ze het hele jaar bij. Lees meer over het urencriterium.

    De belangrijkste aftrekposten

    • Zelfstandigenaftrek: € 1.200. Voldoe je aan het urencriterium, dan mag je dit bedrag van je winst aftrekken. Let op: deze aftrek wordt jaar op jaar afgebouwd: in 2025 was het nog € 2.470.
    • Startersaftrek: € 2.123. Bovenop de zelfstandigenaftrek, in 3 van de eerste 5 jaar dat je onderneming bestaat. Een flinke extra korting in je beginjaren.
    • Mkb-winstvrijstelling: 12,70%. Over de winst die na de andere aftrekposten overblijft, is dit deel vrijgesteld. Hiervoor geldt géén urencriterium: elke ondernemer met winst heeft er recht op.
    Reken je niet rijk met deze aftrek: de Belastingdienst kent je in je eerste jaar geen (of een te lage) voorlopige aanslag toe, waardoor je aan het eind een fikse naheffing kunt krijgen. Zet daarom vanaf dag één geld apart: zie het volgende hoofdstuk.
    Hoofdstuk 5

    Geld reserveren en je tarief bepalen

    De klassieke starterfout: alle inkomsten als besteedbaar zien. Maar een deel is van de Belastingdienst (btw én inkomstenbelasting) en een deel heb je nodig als buffer. Reserveer daarom bij elke factuur meteen een percentage op een aparte spaarrekening.

    • Btw: zet de btw die je in rekening brengt volledig apart: dat geld is nooit van jou.
    • Inkomstenbelasting: reserveer als vuistregel 25–35% van je winst. Bij een hogere winst mag dat richting 40%.
    • Buffer: bouw idealiter 3–6 maanden aan vaste lasten op voor mindere maanden, ziekte of leegloop.

    Je uurtarief bepalen

    Reken niet met je oude bruto-uurloon. Als zzp’er betaal je zelf je vakantie, ziekte, pensioen, verzekeringen, gereedschap en niet-declarabele uren. Ga uit van het aantal uren dat je écht kunt factureren (vaak 60–70% van je werkweek), tel je vaste lasten en gewenste inkomen op, en verwerk daarin een opslag voor buffer en pensioen. Kijk ook naar wat in jouw vakgebied gebruikelijk is.

    Werk je onder een uurtarief van ongeveer ± € 36 per uur, dan komt er (via het wetsvoorstel VBAR) een rechtsvermoeden dat je eigenlijk werknemer bent. Een te laag tarief maakt je positie als zelfstandige dus ook juridisch kwetsbaar: meer daarover in hoofdstuk 7.
    Hoofdstuk 6

    Verzekeringen en pensioen

    Als zzp’er heb je geen werkgever die dit voor je regelt. Drie zaken verdienen aandacht:

    • Arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV). Word je ziek of raak je arbeidsongeschikt, dan valt je inkomen weg. Een AOV vangt dat op. Op dit moment is een AOV niet verplicht; de aangekondigde verplichte basisverzekering (Wet BAZ) wordt niet vóór 2030 ingevoerd. Wacht daar niet op: bekijk nu een private AOV of een goedkoper alternatief zoals een broodfonds. Premies zijn (deels) aftrekbaar.
    • Bedrijfs- en beroepsaansprakelijkheid. Maak je een fout die schade veroorzaakt bij een klant, dan kan een aansprakelijkheidsverzekering (AVB/BAV) je behoeden voor grote claims. In sommige branches eist de opdrachtgever dit zelfs.
    • Pensioen. Je bouwt alleen AOW op via de overheid; een aanvullend pensioen regel je zelf. Dat kan fiscaalvriendelijk via de jaarruimte (lijfrente) of met eigen sparen/beleggen. Begin klein, maar begin op tijd.
    Je AOV-premie en je pensioeninleg zijn onder voorwaarden aftrekbaar bij je aangifte inkomstenbelasting. Reken het belastingvoordeel mee bij het kiezen van je dekking.
    Hoofdstuk 7

    Wet DBA en schijnzelfstandigheid

    Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst weer op schijnzelfstandigheid: als je feitelijk als werknemer werkt maar als zzp’er factureert, loopt vooral je opdrachtgever risico op naheffingen (en sinds 2026 boetes). Het is dus belangrijk dat je écht als zelfstandige werkt: eigen vrijheid over hoe en wanneer je werkt, meerdere opdrachtgevers, eigen risico en ondernemersgedrag.

    Of jouw opdracht risico loopt, hangt af van de negen gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest, hetzelfde kader dat de Belastingdienst gebruikt.

    Toets je eigen situatie

    Doe de uitgebreide Wet DBA-check en zie in ~5 minuten of je als zelfstandige of feitelijk in loondienst werkt.

    Naar de Wet DBA-check
    Hoofdstuk 8

    Checklist: je eerste maanden

    Alles op een rij. Werk deze lijst rustig af: je hoeft niet alles op dag één te regelen.

    • Schrijf je in bij de KVK en ontvang je KVK- en btw-nummer
    • Open een aparte zakelijke bankrekening
    • Kies en stel een boekhoudpakket in (of vind er een via de keuzehulp)
    • Beslis of de KOR bij je past, of juist niet vanwege begininvesteringen
    • Maak een factuursjabloon dat aan alle eisen voldoet
    • Zet vanaf je eerste factuur btw én belasting apart op een spaarrekening
    • Bepaal een realistisch uurtarief (inclusief buffer en pensioen)
    • Regel een AOV en, waar nodig, een aansprakelijkheidsverzekering
    • Begin met bijhouden van je uren voor het urencriterium
    • Toets je opdrachten aan de Wet DBA

    Disclaimer: deze startersgids is met zorg samengesteld op basis van openbare overheidsinformatie, maar vormt geen fiscaal of juridisch advies. Bedragen en regelingen kunnen wijzigen en aan deze pagina kunnen geen rechten worden ontleend. Twijfel je over jouw situatie? Raadpleeg de Belastingdienst, de KVK of een boekhouder/fiscalist.